En daar zitten ze dan…

In de achteruitkijkspiegel vind ik hen niet terug. Ze zijn te klein. Kasper en Mila, negen en zes, broer en zus. Achter in de auto. Mijn onwennigheid probeer ik te maskeren door de radio luid te zetten. ‘Paradise City’ van Guns ’n Roses. Als ik omkijk, zie ik bewegende hoofdjes en vingertjes die mee de maat slaan.
Hier en daar hebben vrienden een baby, maar geen mensjes die babbelen en een mening verkondigen. De laatste keer dat ik met een negenjarige heb gepraat was ik zelf negen. Vijfentwintig jaar geleden dus. Stiekem hoop ik dat de koters me leuk vinden.
Ik vervoer twee schatten. Niet in de melige zin van het woord, daarvoor ken ik hen nog niet goed genoeg. Nee, voor twee mensen zijn deze kinderen het meest dierbare wat op de aardbol rondloopt. Voor Liefje, en voor haar ex. Als ik mijn auto nu in de prak rij, draag niet enkel ik daar de gevolgen van.
‘Paradise City’ vloeit over in ‘Use Somebody’ van Kings of Leon. Ik kijk achterom en zie dat het goed is.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s